2.4.4.1 Humanisme-Mb

Het humanisme als mensbeeld hanteert de volgende uitgangspunten: 
  1. De mens is van nature goed, maar kan door omstandigheden zich slecht gedragen, bijvoorbeeld door een tekort aan veiligheid of acceptatie. Gedrag is primair een resultante van de context en veel minder dan wordt gedacht een gevolg van de persoon. Men verwijst in de kader naar het fenomeen van de fundamentele attributiefout (zie Wikipedia). 
  2. Mensen zijn geneigd hun eigen mogelijkheden zo optimaal mogelijk te benutten, ze vertonen groei en ontplooing mits aan bepaalde voorwaarden wordt voldaan 
  3. Een mens heeft een vrije wil waarmee hij richting en sturing kan geven aan zijn leven. Het lot van de mens is daarmee wel dat hij keuzes moet maken en verantwoordelijk is voor die keuzes
  4. De mens kan in harmonie met zichzelf en anderen leven en hoeft dus niet voortdurend vanuit een soort Freudiaans conflictmodel te leven. Dit veronderstelt wel dat hij of zij is opgegroeid in een klimaat waarin voldoende liefde, veiligheid en acceptatie aanwezig waren om tot volledige wasdom te kunnen komen
  5. Ieder mens is uniek, geen mens is hetzelfde. Monty Python: I'm not!  Als men een mens in zijn totaliteit bekijkt, verschilt hij altijd weer van alle andere mensen zlefs als ze tot eenzelfde categorie (sexe, leeftijd, beroepsgroep, opleiding etc.) behoren. Pas op voor de hokjesgeest, vooral als dat tot maatschappelijke etikettering leidt.