2.1.7.2 Dynamiek

Vanaf de jaren ’60 is er meer oog voor de onderliggende dynamiek en besturing binnen systemen. De nadruk ligt op de aard van de interactie tussen de elementen. Hiertoe is de cybernetica van belang, de notie dat systemen in voortdurende verandering zijn. Deze tweede golf in het systeemdenken is daarmee een verzet tegen de opvatting dat het doorgronden van de lineaire, enkelvoudige causaliteit alleen voldoende is. Een systeem ‘is’ niet, het ‘wordt’! Een systeem is in voortdurende beweging en kan alleen in een tijdelijke toestand worden waargenomen. Een systeem is dan ook geen object, maar een beweging en daarvoor gelden dus ook andere wetmatigheden. De focus op ‘het worden’ en de dynamiek daarvan, leidt tot de introductie van een aantal cruciale concepten in het systeemdenken, zoals communicatie, feedback en controle.

                

Elementen binnen een systeem communiceren met elkaar, waardoor feedback-mechanismen ontstaan. Daarbij wordt steeds gekeken of de waarde van het resultaat nog overeenkomt met de gewenste waarde. Een voorbeeld hiervan is de thermostaat. De temperatuurmeter levert feedback door de temperatuur te meten en naar behoeven de verwarming aan of uit te zetten. Op deze manier kan controle in het systeem worden uitgeoefend. Door de input en output van een systeem schematisch in kaart te brengen, kan inzicht worden verkregen in de onderliggende dynamiek in een systeem.Aan de basis van elke systemische interactie ligt een proces van gelijktijdige en wederzijdse beïnvloeding.
Door feedbackloops ontstaat er een zekere circulaire causaliteit, waarin niet zozeer de één het gedrag oproept van de ander of andersom, maar waarin beide interactiepartners in gelijke mate elkaars gedrag oproepen, veroorzaken, voeden, in stand houden bevestigen en versterken.