2.1.7.3 Arena

Wanneer sprake is van diverse feedbackloops ontstaat een fenomeen dat men zelfbewustzijn zou kunnen noemen. Dit speelt vooral bij biologische systemen waarin bij voldoende interacties ook sprake is van intenties;  Systemen zijn dan ‘non-trivial’ dat wil zeggen dat elementen in systemen geen willoze factoren zijn in een mechanisch systeem, maar actoren die er een eigen leer- en denkvermogen op nahouden. Er is hierdoor ruimte voor strategisch gedrag en voor gerichte inzet. Actoren hebben keuzemogelijkheden. Er is dan geen sprake meer van een mechanisch systeem maar van een ‘zelfbewust sociaal en strategisch handelend’ systeem. 

                         

Zo komt ook politiek in het systeem. Interacties zijn verdelende elementen: wie wat krijgt, is afhankelijk van de interactiepatronen in het systeem. Patronen slijten in en ontwikkelen zich tot structuren. Die structuren sluiten sommigen in en anderen uit; ze zorgen voor de verdeling van opbrengsten en kosten. Dat is niet iets dat actoren overkomt, het is iets waar ze zelf bewuste spelers in zijn. Waar eerder groei en ontwikkeling nog als neutrale en objectieve fenomenen werden bekeken, is er nu aandacht voor gericht strategisch handelen. Men probeert de eigen situatie te verbeteren, maar verandert daarmee ook de structuur en de staat van het systeem. Systemen zijn constant in wording, maar ze worden niet zomaar wat. Heel veel partijen proberen de richting van het systeem te beïnvloeden en de verdelingen die het systeem produceert hun kant op te laten vallen. Als ze aan de goede kant van de verdeling staan zullen ze proberen om interacties en patronen te verdedigen en te bestendigen. Wie aan de verkeerde kant staat en vooral negatieve opbrengsten heeft zal proberen om het systeem te doen kantelen. Dat maakt (sub)systemen zoals de bovenstaande triadesook niet perse harmonieus; het kunnen net zo goed arena’s voor conflict en onderhandeling zijn. Coalities van actoren besluiten naar hun eigen overtuigingen en belangen, en gaan het conflict aan met anderen om het eigen gewenste resultaat te bereiken. Het uiteindelijke resultaat is niet per se het meest optimale antwoord op het vraagstuk. Systemen optimaliseren niet het nut voor en van het geheel, maar komen tot een onderhandelde orde