4.1.1.3 Wetenschap

In deze studie wordt onderscheid gemaakt tussen wereldmodel I  (modern denken) en wereldmodel II. Deze indeling is ontleend aan Argyris. 

Het denken vanuit wereldmodellen wordt door Bateson/Wierdsema omschreven als drieslag leren: het gaat hierbij om de herziening van filosofische principes of uitgangspunten.Is term uit de idactiek, komt pas later?Binnen wereldmodel II wordt vervolgens onderscheid gemaakt tussen EOSZ en EOVZ (Van Dinten). In dit onderzoek richt ik me op EOVZ. Deze wereld oriëntatie is nog niet goed uitgewerkt. De Caluwénoemt EOVZ ‘witdruk denken’.

 

De onderlinge verhouding tussen de twee c.q. vier wereldmodellen (I en II) is een interessante kwestie. Hierbij zijn verschillende posities mogelijk:

a.    De vier wereld oriëntaties zijn onderling totaal verschillend, incompatibel en incommensurbal (zie Kuhn, zie schema Morgan & Burrell). De vier oriëntaties zijn gelijkwaardig en hebben elk hun sterke en zwakke kanten. Leiders zijn in staat om problemen polyparadigmatisch te analyseren. 

b.    De vier wereldoriëntaties ontwikkelen zich evolutionair; zie U-theorie van Scharmer: 

Downloaden (IOAZ), oordelen/judgment (IORZ) – existentiële overgangsfase (angst) naar ecologisch perspectief (EOSZ, EOVZ). Idem De Caluwé: geeldrukdenken (macht), blauwdruk denken (empirisch-rationeel), rooddrukdenken (existentieel), groendruk denken (samen leren, lerende organisatie) naar witdruk denken

c.     Ecologisch denken (EOVZ, witdrukdenken) heeft het primaat. Centraal begrip is Energie (Einstein). Energie kan worden omgezet in materie . informatie?

d.     Deze filosofische positie is o.a. uitgewerkt door Spinoza (Substantie, Natuur, God = Einstein: Energie). Egocentrisch denken wordt vervangen door eco-centrisch denken. Om een metafoor te gebruiken: deze lichtstraal werkt als een laser en differentieert zich in verschillende kleuren, waarmee de situatie/wereld wordt belicht.

In deze studie wordt gekozen voor deze optiek (dus ad c). Spinoza in plaats van Descartes. 

Uitgangspunt: onbeperkte energie betekent oneindig veel creatieve mogelijkheden. Uitgangspunt: non-dualistische filosofie. Overvloed in plaats van schaarste, deficiëntie, tekorten. Educatieve consequentie: onbeperkte, vrijwel gratis toegang tot kennisbronnen in de vorm van data en informatie en een wereldwijd netwerk (w.w.w.), mondiaal denken. Imploderen van het dominante onderwijssysteem. 

·      In aansluiting bij o.a. Bateson kan gesproken worden over ecologisch denken. Vanuit deze filosofische benadering wordt de wereld opgevat als open, dynamisch, complex,  op de rand van chaos, contingent, ambigu, spanningsvol, rhizomatisch (Deleuze) etc. 

·      complexe problemen bestaan (i.t.t. eenvoudige en ingewikkelde problemen) op voorhand geen standaard oplossingen (zie Snowden). 

 

Conceptualisatie

In verschillende postmoderne filosofische stromingen wordt EOVZ geconceptualiseerd: 

* Pragmatisme (Dewey)

* Symbolisch interactionisme (G.H. Mead). à

samen:  (pragmatisch) constructivisme, ecologica  

Flankerend: 

·      taalanalyse (Wittgenstein)

·      fenomenologie (Heidegger, Merleau Ponty, Foucault, Deleuze) uitgewerkt. 

In deze studie wordt het pragmatisme als ankerpuntgekozen. De andere, verwante filosofische stromingen worden kort getypeerd.