1.1 Kennisvragen

Kennisvragen hebben betrekking op de waarheid, naar hoe het zit met iets en hoe het waarschijnlijk zal worden. Kennisvragen zijn goed opgelost als men een ware uitspraak over een stand van zaken doet. 

Hoe doe ik dat? 

  1. U beseft dat de absolute waarheid zelden bestaat en dat het vaak gaat om de (hoogste) mate van waarschijnlijkheid 
  2. U maakt onderscheid tussen wat was, is of zal zijn; u denkt chronologisch
  3. U zorgt dat uw gedachten overeenkomen met andere waarheden en daarmee voldoen aan het correspondentiecriterium
  4. U zorgt dat wat u zegt ertoe doet, dat het voldoet aan het relevantiecriterium
  5. U zorgt er voor dat uw manier van redeneren intern logisch is en daarmee voldoet aan het coherentiecriterium 
  6. U zorgt er voor dat uw oplossing werkt, u bent pragmatisch
  7. U hanteert het principe van ecologische ratio.